Golliwog goes to church

Muzische viering met twee klarinetsuites (Debussy en Ceuleers)

Thema: Zijn wij vrije mensen, of dansen we naar de pijpen van X?
Muzikale gasten : het klarinetkwartet van de Koninklijke Harmonie “De Eendracht” te Wommelgem:

  • An Van Berendoncks
  • Kathleen De Praitere,
  • Lieven Van den Eede,
  • Willem Ceuleers.

Hoofdmuziek:
Claude Debussy: delen uit Children’s corner, gearrangeerd door Willem Ceuleers: Suite composée nr. 2 (2023)
– Serenade of the Doll
– The little Shepherd
– Golliwogg’s cake walk

Willem Ceuleers: Klarinetkwartet nr. 1, opus 1012 (2023)
– Allegro amabile
– Thema met variaties

Thema van de viering: Zijn wij vrije mensen, of dansen we naar de pijpen van X ?
Lezing: Mattheüs 11:9-16 (“Wij hebben op de fluit gespeeld, en gij hebt niet gedanst”), 25-30 (“Ik zal u rust geven, rust voor uwe zielen”)
Duiding en Prediking: Dick Wursten

Voor en na de viering: symfonische orgelmuziek van Camille Saint-Saens, Marcel Dupré, en Louis Vierne.

Liturgisch verloop van de viering:

  • welkom / afkondigingen
  • aanvangslied: gezang 380: 1, 2 en 3
  • stil gebed
  • votum & groet
  • lied: gezang 380: 4 en 5
  • gebed om ontferming
  • glorialied: psalm 149: 1 en 2

Spreuk: Wij hebben op de fluit gespeeld en gij hebt niet gedanst…
          (Mattheüs 11: 16-19)

  • duiding
  • klarinetsuite (naar ‘Children’s corner van Claude Debussy)
  • duiding (bis)

gebed bij de opening van de Schriften

  • Mattheüs 11:25-30
  • lied: gezang 170: 1, 2, 3

Preek: komt tot Mij, allen die vermoeid en belast zijt, en ik zal u rust geven, rust voor uwe zielen.

  • klarinetsuite (Ceuleers)
  • Geloofsbelijdenis/gebeden
  • slotlied: psalm 87
  • heenzending en zegen
  • amen..” (gezang 456:3)

Holy, holy, holy – the lord is King

orde van dienst 14 april 2024. Zondag Misericordia Domini

Orgelmuziek : Thomas Tomkins (1572-1656): Offertory (1637)

  • Welkom
  • Votum en groet
  • Aanvangshymne: Holy, holy, holy, Lord God Almighty koraalmotet Willem Ceuleers, opus 1018 (2023) – koor en orgel
  • Gebed om ontferming
  • Zingen: Psalm 33: 1 en 2
  • Woord ten leven
  • Zingen: Psalm 33: 8
  • Dienst van het Woord
  • Gebed bij de opening van het Woord
  • Schriftlezing: Johannes 21: 15-19
  • Zingen: Psalm 139: 1, 2, 14
  • Overdenking
  • Cantate:     The Lord is King, the earth may be glad (1688) (tekst p. 3) Henry Purcell (1659-1695) Bassolist, koor en continuo (orgel)
  • Dankgebed en voorbeden
  • Collecten (1 orgel, 2 eredienst)
  • Slotlied: gezang 313: 1, 5, 6, 7
  • Zegen – Amen (gezang 456:3)

Orgelmuziek: Charles Villiers Stanford (1852-1924) – 100ste sterftejaar: Fantasia and Toccata in d minor, opus 57 (1894, rev. 1917)

Leerhuis ‘VAN ABBA TOT ZONDEBOK’

BIJBELSE OEFENING IN DIALOGEREN (joods-christelijke dialoog)      

vijf donderdagavonden (ook apart te bezoeken) :
25 april , 2 mei, 16 mei, 23 mei, 30 mei, 6 juni   van 20.00 tot 21.30 uur
TPC – Groenenborgerlaan 149, 2020 Antwerpen

Data: donderdag 25 april 2024, donderdag 2 mei, donderdag 16 mei, donderdag 23 mei, donderdag 30 mei, donderdag 6 juni   van 20.00 tot 21.30 uur

Initiatiefnemers: Diocesane Werkgroep Bijbel (DWB) + Antwerpse Contactgroep voor joods-christelijke betrekkingen (ACJCB)

  • Begeleiders: Jean Bastiaens, David Godecharle, Rik Hoet, Danny Rouges
  • Plaats: TPC Antwerpen, Groenenborgerlaan 149, 2020 Antwerpen.
  • Bijdrage: 10 euro per samenkomst (inclusief koffie en syllabus)
  • Wie wil kan het boek ter plekke aanschaffen (€ 24,95).

Info: david.godecharle@bisdomantwerpen.be

Inschrijven: els.want@bisdomantwerpen.be  – of via deze link

Leerhuis Van Abba tot Zondebok

men kan alle avonden komen.. of ook enkele.. of slechts één…

Samenkomst I – 25 april

Algemene inleiding: oorsprong en totstandkoming van het boek in zijn Duitse uitgave. Doel van het boek.

Twee trefwoorden:

  • Bijbel: Oude Testament, Nieuwe Testament?
  • Bloed: ‘Zijn bloed kome over ons’??

Samenkomst II – 2 mei

  • Christus: messiasverwachting
  • Jezus van Nazaret: zoon van God?
  • Exodus: ten koste van de Egyptenaren?

Samenkomst III – 16 mei

  • Farizeeën: wie zijn zij werkelijk?
  • God: veraf of dichtbij?
  • Genade: staan wet en genade tegenover elkaar?

Samenkomst IV – 23 mei

  • Dabru Emet – Spreek waarheid! : Een joods standpunt tegenover christenen
  • ‘De wil van onze Vader in de hemel doen’: een nieuw orthodox standpunt over dialoog tussen joden en christenen
  • Nostra Aetate 4: document van Vaticanum II over het jodendom

Samenkomst V – 30 mei

  • Liefde voor de vijand: alleen in het christendom?
  • Oog om oog, tand om tand: wraak of vergoeding?
  • Toorn van God: de passie van God?

Samenkomst VI – 6 juni

  • Volk van God: wie is het volk van God?
  • Uitverkiezing – Roeping: wie is uitverkoren?
  • Wraak: waarom en waartoe? Een Bijbels perspectief.

Slot: evaluatie. Welke oogst brengen we bijeen?

Doelgroep: joden en christenen die werken in de pastoraal, catechese, verkondiging; godsdienstleerkrachten; geïnteresseerden.

We maken op vlak van de Bijbel een paradigmashift mee. Die shift is al lang geleden ingezet, laten we zeggen vanaf de eerste oorsprong van de historisch-kritische methoden…

Het oude paradigma, gaandeweg op gang gekomen vanaf de tweede eeuw, ziet het Nieuwe Testament (NT) als een vervulling van het Oude Testament (OT), in die zin dat het OT wel nog getuige en bewijs is, maar geen zelfstandige relevantie meer bezit. Het Oude Testament is in zekere zin achterhaald, met een voorbijgestreefd Godsbeeld. Dit bepaalde ook de visie op het jodendom: ook het jodendom was een achterhaalde positie, en niet meer relevante manier van God dienen. Bovendien werd er een tegenstelling gecreëerd tussen OT en NT: de God van de toorn/wraak (‘oog om oog’) hoort bij het OT, de ‘God van de liefde’ bij het NT (cf. de zogenaamde ‘antithesen’). Het hoeft geen betoog om te beseffen welke kwalijke gevolgen dit heeft gehad voor de vervolging van joodse mensen, eeuw na eeuw…

De paradigmashift werd van zowel joodse als christelijke zijde ingezet:

– Van joodse zijde: Martin Buber, David Flusser, Sjemueel Safrai enz.

– Aan christelijke zijde: Dietrich Bonhoeffer, Karl Barth en vooral, in ons taalgebied, Heiko Miskotte  (en ‘de Amsterdamse School’)

We zijn nog bezig deze paradigmashift te maken. Bij de meeste gelovigen is deze nog niet aangekomen. Wat staat ons te doen?

Een groep van Duitstalige joden en christenen hebben het probleem van de implementatie van de paradigmashift bij de wortel aangevat: welke woorden en begrippen verraden het denken in het oude paradigma? Welke Bijbelse woorden met name zijn dat? En kunnen we die herijken naar de oorspronkelijke bedoeling?

Het boek Van Abba tot Zondebok stelt 57 trefwoorden voor die bespreking verdienen, telkens op 2 of 3 bladzijden. Het levert authentiek graafwerk op in onze Bijbel, die we menen te kennen maar niet genoeg kennen. Elk trefwoord geeft voer voor verdere reflectie en discussie.

We gaan er samen mee aan de slag. Na de algemene voorstelling van het trefwoord in kwestie, gaan we in kleine groepen uiteen. Daarna komen we weer samen voor het verzamelen van de nieuwe inzichten. Het wordt een vruchtbaar en spannend leerproces voor elk van ons, waarbij we met nieuwe ogen zullen kijken naar zowel het Oude als het Nieuwe Testament.

Leçons de Ténèbres (Delalande) – 24 februari 20u

De leçons de ténèbres (letterlijk: lezingen aangaande het duister) is geen concertmuziek, maar liturgische muziek en wel bestemd voor de donkere metten (‘des morgens als het nog donker is’) voor de dag aanbreekt (nocturnen). En wel heel specifiek voor ‘de drie hoogheilige dagen’ van het christelijk geloof: Witte Donderdag/ Goede Vrijdag / Stille Zaterdag. De dagen waarop zich de ‘passie van Christus’ afspeelt: van zijn laatste avondmaal, zijn agonie in de hof van Getsemane, het verraad van Judas, de verloochening door Petrus, het proces voor Pilatus, de kruisiging, eindigend met de graflegging Ruhe sanfte, sanfte Ruh… De term ‘Ténèbres’ is ontleend aan de Evangelielezing: “Et tenebrae factae sunt dum crucifixissent Jesum…” En het werd duister, toen zij Jezus kruisigden. De leçons de ténèbres (lezingen) zijn allen ontleend aan de Klaagliederen (Lamentationes) toegeschreven aan de profeet Jeremia. Die zit bij de puinhopen van Jeruzalem, en weent over een totaal verwoeste stad, een verwoeste wereld, een verwoest leven. Deze klaagzangen raken nog steeds diep, omdat ze – jammer genoeg – van alle tijden zijn. De muziek die vanaf de late Middeleeuwen voor deze lezingen is geschreven hoort tot het aangrijpendste wat in de Westerse muziekcultuur te horen valt.

De drie leçons van de Franse componist Delalande (1657-1227) worden in dit concert afgewisseld met teksten (gedichten van Wislawa Szymborska en Joseph Hahn) en twee instrumentale intermezzi: Een deel uit de Symphonie Passion van Marcel Dupré: crucifixion en een eigentijdse compositie van John Joubert, Tombeau. Reflections on ‘When I am laid in earth’ (Purcell) voor gamba solo.

Michel-Richard de Lalande, zijn vrouw en dochters

Michel-Richard de Lalande was muzikant/componist aan het hof van Versailles. Hij legde zich speciaal toe op religieuze muziek voor vrouwenstemmen, in een tijd waarin dat beschouwd werd als het domein van mannen (officieel was er een kerkelijk verbod op de participatie van vrouwen aan kerkmuziek. Jaja). Van de vele muziek die hij componeerde hebben vrienden en collega’s na zijn overlijden een bundel samengesteld. De Leçons de Ténèbres en het Miserere (boetepsalm, nr. 50/51) die daarin zijn opgenomen zijn technisch zeer verfijnd (aartsmoeilijk dus), maar tegelijk ook welsprekend door hun expressieve kracht. De Lalande componeerde deze toonzettingen voor de dames van het klooster van de Assomption . Ze werden door de beide dochters van DelaLande uitgevoerd, en wel op zodanige manier dat heel Parijs na afloop vol bewondering de lof zong van de hele muzikale familie.1.

Het couvent de l’Assomption in 1705 – detail van grotere afbeelding.
De kerk is er nog: Eglise Notre Dame de l’Assomption (Poolse rooms-katholieken)

Het gaat hier over de twee dochters van Michel-Richard Delalande en zijn vrouw Renée Anne Rebel : Marie-Anne en Jeanne. Delalande was op 8 juli 1684 getrouwd, in aanwezigheid van de zonnekoning. Zijn dochters Marie-Anne (1686), Jeanne (1687) zongen beide in de Chapelle Royale, waar ze werden opgemerkt door de Zonnekoning zelf, die elk van hen een toelage van 1.000 livres toekende in april 1706. En daarbij de wens uitsprak hun vakder te horen. Dit is waarschijnlijk de aanzet geweest voor Delalande om ook geestelijke muziek voor vrouwenstemmen te componeren, t.t.z. voor zijn vrouw en zijn dochters. Helaas stierven zijn beide dochters in de pokkenepidemie van 1711. Lodewijk XIV, die zijn oudste zoon had verloren, zou toen tegen De Lalande gezegd hebben: “U hebt twee dochters verloren die zeer verdienstelijk waren; Ik, ik heb Monseigneur verloren. La Lande, men moet zich bij de dingen neerleggen.” (« Vous avez perdu deux filles qui avaient bien du mérite ; Moy, j’ay perdu Monseigneur. La Lande, il faut se soumettre »).

Het gebruik van eigenzinnige chromatische bassen in het continuo, de expressieve stilte van de pauzes en de grote aandacht die hij besteedde aan de teksten, maken van dit religieuze werk een van de meest aansprekende voorbeelden uit het oeuvre van een componist op het hoogtepunt van zijn kunnen.

Bonny en Baert over Gaza

Vorige week stond er een spontaan geschreven opiniestuk van Johan Bonny (bisschop van Antwerpen) in De STANDAARD (DS 9 november). Hij richt zich tot zijn ‘Joodse vrienden’ en spelt hen de les over de ‘God van de Bijbel’. Niet eens tussen de regels door, maar expliciet verwijt hij zijn ‘Joodse vrienden’ (wie zijn dat? zo vroeg ik me af) dat zij hun heilige Geschriften helemaal verkeerd interpreteren. Gelukkig – zo vervolgt de bisschop – zijn er verlichte christenen die wel weten wat de God van de Bijbel eigenlijk wil. Dus verklaart hij ex cathedra wat ‘sinds Christus’ dood en verrijzenis’ het Oude Testament nog wel en niet kan zeggen. Los van de inhoud: Het is schokkend deze vorm van christelijk superioriteitsdenken (“God, ik dank u dat ik niet ben zoals…”) in de 21ste eeuw nog te moeten lezen, en dan nog wel vloeiend uit de pen van de bisschop van Antwerpen. Deze ‘substitutie-theologie’ (de kerk is in de plaats van Israel gekomen) was eeuwen lang de basis van het kerkelijk anti-judaïsme, dat op zijn beurt zowel openlijk als onderhuids het anti-semitisme aanwakkert.

Gelukkig stond er in De STANDAARD van vandaag (DS 13 november) een weerlegging door Denis Baert. Voor t geval u dit niet kunt lezen. Hier de tekst.

Wil Johan Bonny eigenlijk wel joodse vrienden?

Johan Bonny haalt de oude registers van christelijke Jodenhaat weer boven en dat is gevaarlijk, vindt Dennis Baert.

Dennis Baert (Instituut voor Joodse Studies Universiteit Antwerpen).

13 november DE STANDAARD

Johan Bonny schrijft dat hij niet langer kan zwijgen over Gaza tegen zijn joodse vrienden (DS 9 november). Even lijkt het alsof hij zijn afschuw wil uiten over het geweld in Gaza. Dat hij dat verschrikkelijk vindt, zal niemand hem verwijten. Maar dan blijkt dat hij iets heel anders op het oog heeft dan de humanitaire crisis in Gaza en het onderliggende politiek-militaire conflict tussen Israël en Hamas. Hij heeft het niet over politiek maar over godsdienst. En meer bepaald over hoe joden en christenen van elkaar verschillen. In zijn visie is het jodendom een nauwe, uitsluitende godsdienst, een godsdienst van ‘gewelddadige recuperatie en militaire uitbreiding’. Daartegenover zet hij het christendom als godsdienst ‘van Gods liefde en Gods redding’ met als kern ‘de universaliteit van het heil’.

De bisschop van Antwerpen schrijft dus dat het conflict tussen Israëli’s en Palestijnen te wijten is aan het jodendom zelf. Zo beweert hij dat joden en Israëli’s (een onderscheid dat hij niet maakt) op genocide uit zijn: ‘De kinderen moeten dood. De jongeren moeten weg. (…) En na Gaza zal de Westelijke Jordaanoever volgen.’ Meer nog, blijkbaar zijn de Joden zo genocidair dat ze zaten te wachten op een ‘ideaal alibi’ en dat op 7 oktober vonden in de martelingen, verminkingen, massaverkrachtingen en de moedwillig wrede moorden op meer dan duizend Israëlische bejaarden, kinderen, vrouwen en mannen (waar hij eufemistisch naar verwijst als een ‘voorspelbare ontploffing’). Die formulering is obsceen, en het is moeilijk te begrijpen dat iemand die zó over joden denkt, überhaupt joodse vrienden wil.

Aanzienlijke schade

Een reactie is hier dus wel op zijn plaats. Bonny getuigt om te beginnen van weinig kennis over het jodendom. De joodse traditie heeft nooit nood gehad aan de dood en verrijzenis van Christus om te beseffen dat ‘de God van Israël de vader is van alle mensen’. De universaliteit van de menselijke waarde vanuit de schepping van de mens in Gods evenbeeld behoort tot de oudste joodse leerstellingen, eeuwen ouder dan het christendom. Ja, de joodse traditie denkt anders over de verhouding van universaliteit en particulariteit dan christelijke tradities doorgaans doen. Daar zitten we inderdaad niet op hetzelfde spoor. In de joodse traditie ligt het gehele mysterie van het mens-zijn in het feit dat we als mens allemaal verbonden zijn en toch van elkaar verschillen. Het is deels daarom dat joden niet eeuwenlang in naam van de ‘universaliteit van het heil’ hebben geprobeerd iedereen op aarde, van andersgelovigen tot gekoloniseerde volkeren, goedschiks of kwaadschiks, te vuur en te zwaard, te bekeren.

In enkele alinea’s berokkent Bonny aanzienlijke schade aan ruim zestig jaar joods-christelijke dialoog en verzoening. Hij gebruikt tal van clichés uit de lange geschiedenis van christelijk anti-judaïsme: ‘de joden’ die door hun weigering Christus te erkennen verblind zijn en de eigen teksten onjuist interpreteren, ‘de joden’ die hun verbond met God verloren hebben nu de christenen de ware universele draagwijdte van dat verbond begrijpen, ‘de Joden’ met hun materiële wetten versus de spirituele liefde van de christenen, ‘de Joden’ die wachten op het juiste moment om kinderen te vermoorden.

Christelijke jodenhaat

Sinds het Tweede Vaticaanse Concilie heeft de rooms-katholieke kerk die bladzijde radicaal omgeslagen. Nostra Aetate (1965) is het begin geweest van een vruchtbare dialoog waarin joden en rooms-katholieken hebben samengewerkt om vooroordelen over elkaar te overstijgen en elkaar niet langer te demoniseren.

Bonny wijst die dialoog kennelijk van de hand. Het is kwalijk, onverantwoordelijk en zelfs gevaarlijk hoe hij op een moment dat antisemitisme wereldwijd hoogtij viert, de oude registers van begraven christelijke jodenhaat weer bovenhaalt. Niemand heeft hem gevraagd te zwijgen. Maar alle goedmenende joden en christenen hadden van hem verwacht dat hij niet zou vervallen in een theologie van demonisering en collectieve schuld die joden alhier in België nog meer in gevaar brengt.

Medeondertekend door Vivian Liska (Instituut voor Joodse Studies, Universiteit Antwerpen) en Theodor Dunkelgrün (Departement Geschiedenis, Universiteit Antwerpen).

Muziekdienst 12 november 2023: Renaissance orkest, koor en soli.

kerk van de Brabantse Olijfberg 10u30

begin van Psalm 116 (Vulgaat: 114) – 15de eeuwse miniatuur

Opzet van de Viering


orgel vóór:
– Claudio Merulo (1533-1604): uit ‘Libro terzo de canzoni d’intavolatura d’organo’ (1611): Languissans (naar Thomas Crecquillon)
– Antonio de Cabezon (1510-1566): uit ‘Obras de Musica para tecla, arpa y vihuela’ (1578):
Triste de par (naar Nicolas Gombert)

HOOFDMUZIEK
cantate: Willem Ceuleers: psalm 114/115 [116]: Alleluia. Dilexi, quoniam exaudiet Dominus, (Ik heb lief, want Hìj zal mijn stem horen…) opus 1016 (2023)

– Meditatie: Dick Wursten
– orgel na: Max Reger (1873-1916) : uit ’12 Stücke’, opus 65 (1902): nr. 4: Consolation

Medewerkers

sopraan: Sabine Van Thillo, Danielle Van de Vloet, Bieke Schiltz,
Heleen Rouwenhorst
bariton: Luk Verlackt, Dirk Daems, Willem Ceuleers
traverso: Jef Van Boven
blokfluit: Kristin Meerts, Bart De Coster
cornetto: Sus Herbosch
dulciaan: Walter Bosmans, Walter De Clercq
viool: Stef Willems
cello: Hilde van Hoijweghen
orgel: Marie-Ange Boost

“O wie selig seid ihr doch” – koraalcantate Max Reger

10 december 2023 Feestelijke afsluiting van het Reger-jaar in de Brabantse Olijfberg / Musische Gottesdienst

Tijdens de laatste muziekdienst van 2023 zal Max Reger (1873-1916) voor, tijdens en na de viering auditief acte de présence geven. Ca. 35 muzikanten (koor, orkest, solist) zullen zich voegen bij het Walckerorgel op het doksaal. Saillant détail: De make-over van onze kerk startte in 1904 met precies de constructie van dat doksaal met daarop een Walckerorgel. Alsof het gemaakt is voor orgelmuziek en een koraalcantate uit datzelfde jaar (1904) van Max Reger.

In de koraalcantate is er een ‘beurtzang’ tussen aarde en hemel: de ‘aardbewoners’ zijn jaloers op de zaligheid van de hemelingen (‘O wie selig seid ihr doch, o Frommen…), en krijgen – tot hun verrassing – reactie ‘van boven’: de hemelingen bevestigen natuurlijk hoe fijn het daarboven is, maar proberen tegelijk ook de wereldlingen te bemoedigen het vol te houden. Na de beurtzang eindigt de cantate met een loflied op God: ‘Hemel en aarde stemmen saam, en prijzen ‘s Heren naam’ (cf. ps. 149,5)

Klik hier voor meer achtergrond en toelichting op cantate (tekst/muziek)

Uitvoerenden

  • soliste (mezzosopraan): Aina Callaert
  • koor van de Brabantse Olijfberg
    • Sopraan: Sabine Vanthillo,Bieke Schiltz, Heleen Rouwenhorst
    • Alt: Bernadette Simkens, Els Caremans, Marie-Ange Boost, Lisbeth Wolfs
    • Tenor: (instrumentaal)
    • Bas: Dirk Daems, Walter Bosmans, Luk Verlackt, Walter De Clercq
  • gemeentezang: Bart De Coster, Hilde van Hoijweghen
  • strijkorkest Entente Cordiale, concertmeester JeongSun Goo
  • orgel: Willem Ceuleers
  • gastdirigent: Gregory Delbrouck

Orde van de viering

10u15: orgel : uit ’12 Stücke’, opus 80 (1904): nrs. 1, 2 & 8
Präludium – Fughetta – Romanze

10u30: viering
votum en groet
Aanvangslied: Kom tot ons de wereld wacht
gebeden
Lezingen
Inleiding op de koraalcantate
Koraalcantate O wie selig seid ihr doch, WoO (1904)
Bezinning
Lied
Collecten
Gebeden
Slotlied
Zegen

Max Reger, 150 jaar geleden geboren

Herdenkingsconcert 20 oktober 2023 – 20u – Walckerorgel – Willem Ceuleers

Brabantse Olijfberg, Lange Winkelstraat 5, 2000 Antwerpen

Dit jaar wordt in de orgelwereld het 150ste geboortejaar van de Duitse componist, dirigent en organist Max Reger (1873-1916) gevierd, een gelegenheid die we in de Brabantse Olijfberg niet zomaar voorbij laten gaan. Want onze kerk bezit het enige Duitse orgel in Vlaanderen (en het enige bespeelbare in België) dat met zijn klanken de muziek van Reger precies kan weergeven zoals hij ze bedoelde. Willem Ceuleers speelde dit jaar tijdens elke maandelijkse muziekdienst reeds een substantieel werk van Reger en zal dat tot december blijven doen. Hij nodigt u samen met Procant VZW bovendien uit tot een orgelconcert, integraal gewijd aan deze zeer productieve laat-romantische componist.

– uit ‘Sieben Stücke’, opus 145 (1916):
        – Dankpsalm

– uit ’25 leicht ausführbare Vorspiele’, opus 67 (1902):
        – Jesu meine Freude
        – Lobe den Herren, den mächtigen König der Ehren
        – Valet will ich dir geben

– uit ’10 Stücke’, opus 69 (1903):
        – Basso ostinato
        – Moment musical
        – Capriccio

– uit ’25 leicht ausführbare Vorspiele, opus 67 (1902):
        – Vater unser im Himmelreich
        – Wachet auf, ruft uns die Stimme

– uit ’13 Choralvorspiele’, opus 79b (1903):
        – Morgenglanz der Ewigkeit
        – Nun danket alle Gott

– Phantasie für Orgel über den Choral ‘Wachet auf, ruft uns die Stimme’, opus 52 nr. 2 (1900)

Het Walcker orgel (1905)

Ons Walckerorgel (1905), ondertussen een krasse eeuwling, heeft die lange tijd redelijk goed overleefd, maar is toch niet ontsnapt aan de (onoordeelkundige) verbouwwoede die in het midden van de vorige eeuw wijdverspreid was. Nu het interieur van de kerk volgend jaar een opfrisbeurt zal krijgen en het orgel daarvoor gedeeltelijk gemonteerd zal moeten worden, zullen we tijdens de heropbouw die gelegenheid aangrijpen om die ‘harde’ klanken weer ongedaan te maken en de oorspronkelijk klankkleur te herstellen zoals Walcker die in 1905 verwezenlijkt had. T.a.v. de kenners: de Walckermixtuur zal gedeeltelijk gereconstrueerd worden en de interne organisatie van het zwelwerk hersteld: de terts gaat terug in de mixtuur, de niet-originele kromhoren wordt uitgenomen en opgeslagen, de piccolo gaat naar zijn oorspronkelijke plaats, de kantslepen worden verwijderd en de windlade wordt hersteld. Dat gaat een flinke duit kosten. We zullen daarvoor beroep kunnen doen op subsidies, maar zullen zelf toch nog heel wat moeten ophoesten. De opbrengst van dit concert gaat dan ook integraal naar het orgelfonds.

Indien u een gift wilt doen, kan dat via rekeningnummer van de kerk: BE19 0000 1498 7712 t.n.v. Protestantse kerk, Antwerpen. o.v.v. “orgelfonds”

10 september: muziekdienst met Sweelinck

Zondag 10 september: 10u30 (!) in de Brabantse Olijfberg
Lange Winkelstraat 5, 2000 Antwerpen.

Hoofdmuziek: Psaume 19 (les cieux en chacun lieu…) van J. Pzn. Sweelinck (uit zijn derde boek met Psalmen Davids, 1614). Deze psalm is een loflied op de ‘schepping’ gevolgd door een ode aan de ‘torah’ (de wet, de ‘aanwijzingen voor het leven’). Sweelinck beperkt zich in zijn muziek tot het eerste deel, een lofzang op de schepping dus… de zon, het licht, de warmte.

De Franse berijming van deze Hebreeuwse Psalm is van de hand van Clément Marot (ca. 1486-1544). Ze moet al gecirculeerd hebben in handschrift voordat ze voor het eerst werd gepubliceerd (Straatsburg, 1539). Twee jaar later staat ze in het allereerste psalmboekje dat Calvijn in Genève uitgeeft. De melodie die dan bij de tekst staat, is waarschijnlijk van de hand van de toenmalige Geneefse cantor en muziekleraar, Guillaume Franc. Het is een voorname melodie geworden, waarbij hij twee coupletten van Marot samenneemt (wegens het ingewikkelde rijmschema kan het niet anders), zodat het behoorlijk lange strofen zijn geworden, 7 stuks in totaal.

La forme des prières et chantz ecclésiastiques [Genève, 1542]

De Amsterdams stadsorganist, Jan Pieterszoon Sweelinck heeft in de laatste 30 jaar van zijn leven alle 150 Geneefse psalmen getoonzet, niet voor de eredienst maar voor ensemble-uitvoering in kleine kring. Ze zijn gepubliceerd in vier afleveringen. De meeste psalmzettingen zijn 4-stemmig, maar verder loopt het van 3-8 stemmig.

Psalm 19 is 5-stemmig, en Sweelinck heeft de moeite genomen om maar liefst 3 coupletten van een eigen muzikale textuur te voorzien. De Geneefse melodie is daarbij altijd als structuurelement aanwezig. In de laatste twee coupletten wordt ze zelfs als cantus firmus gezongen, terwijl de omspelende stemmen de sfeer van de tekst toevoegen, soms onopvallend, soms heel nadrukkelijk. Let u maar op de figuurtjes in het derde couplet die ‘s égayer‘ (zich verheugen) uitbeelden.

Uitvoerders zijn:

  • cantus: Danielle Van de Vloet
  • quintus: Bart De Coster (tenorblokfluit)
  • altus:     Heidi Verbruggen (tenorviool)
  • tenor:    Yves Van Handenhove
  • bassus:  Willem Ceuleers

En natuurlijk is er orgelspel voor en na  (Sweelinck, Reger), samenzang, en een te denken gevende duiding door Dick Wursten.

Hier kunt u de Psalm al eens beluisteren. Verschil met a.s. zondag zal o.a. zijn dat twee van de vijf stemmen instrumentaal ‘gezongen’ zullen worden. Dat doet je de muziek heel anders horen…